Get Adobe Flash player
nieuw leiderschap – essay – Good governance in de praktijk Bestuurders in bedrijven en organisaties buigen zich over de vraag hoe ze integri- teit kunnen waarborgen en hun reputatie kunnen beschermen. Volgens Leo Son- neveld, Stichting Good Governance Monitor (GoGoMo), gaat integriteit in essentie niet zozeer over jezelf aan de regels houden, maar veel meer over de vraag of jouw keuzes de belanghebbenden heel en ongeschonden laten. Deze zienswijze heeft een duurzaam positief effect op reputatie en minimaliseert het reputatierisico. Dit essay is een opmaat naar de branchecasus Boeteclausule (zie kader). tekst L EO SONNEVELD | BEELD nathalie B r u gma n H et woord ‘integer’ komt uit het Latijn en betekent ‘heel en ongeschonden’ in materiële zin en ‘recht- schapen’ ‘onpartijdig’ en ‘onbaatzuchtig’ in mo- rele zin. Integriteit in praktijk brengen, betekent in contact staan met wijsheid en essentie, wat wil zeggen dat wetten naar de geest worden geïnter- preteerd en niet alleen naar de letter. Integer handelen bete- kent dat hart en hoofd verbonden zijn en dus dat er meer no- dig is dan louter voldoen aan regels. Mensen die integer han- delen, zijn mensen die verantwoordelijkheid nemen, open- heid en transparantie nastreven en de dialoog bevorderen. Es- sentiële toets is dat een integere keuze heel en ongeschonden laat. En dat is te leren in de praktijk. Mijn perspectief is dat ieder mens in de kern goed is, maar dat niet iedereen vanuit die kern handelt. Vanuit de Jungiaanse psychologie, omschrijft Danaan Parry een individu als een bol die bestaat uit verschillende lagen van bewustzijn en ervaringen. De buitenste laag heet ’perso- 14 | NFM ZOMER 2016 na’ (Grieks voor ‘masker’). De laag van onze persoonlijkheid die we graag aan anderen laten zien. De laag met onze succes- sen, indrukwekkende resultaten van ons werk, mooie karak- tertrekken, etc. Datgene waar we zelf trots op zijn. Datgene wat we van onszelf zonder meer accepteren. Datgene op basis waarvan we hopen aanzien te verwerven in een poging geac- cepteerd te worden door de ander. Voor de herkenbaarheid gebruik ik als term ‘buitenkant’. Het maskeert wie we niet willen zijn, onze schaduw, en wie we ten diepste zijn, ons zelf. De diepste laag van onze persoonlijkheid, zonder conditione- ring, waar we ons heel, volledig en verbonden voelen. Daar- om noem ik dit deel meestal het ‘verbonden zelf’. Voor dit essay zal ik echter de neutrale term ‘kern’ gebrui- ken. Dit is de bron voor het denksysteem van eenheid en on- derlinge verbondenheid van waaruit verbindende gedachten voortkomen en we onvoorwaardelijke liefde kunnen ervaren. Tussen onze kern en onze buitenkant in liggen vele andere, veelal onbewuste, lagen. Een van die lagen wordt ‘schaduw’ genoemd. Daarin zit alles wat we juist niet aan de buitenwe-